Cornelius, een Romeins hoofdman wordt door Lucas, een godvruchtig man genoemd die met zijn gehele huis een vereerder van God was, die vele aalmoezen aan het volk gaf en geregeld tot God bad. (Handelingen10:1-2.) Hij moet wel een man zijn geweest die zocht en bad want in antwoord op zijn gebed werd hem een visioen gegeven en kreeg hij de instructie Petrus op te sporen, die hem zou vertellen wat hij zou moeten doen om zijn leven in de ogen van God te beteren. (Handelingen 10:3-6.) Hij is de eerste niet-Jood van wie bekend is dat hij het evangelie in het midden des tijds ontving zonder eerst tot het Jodendom bekeert te zijn geweest. (Handelingen 10:47-48.)

In Handelingen 10:6 staat dat Cornelius Petrus liet opsporen want het zien van een engel of het ontvangen van een bezoek uit de hemel brengt nog geen zaligheid. Cornelius verlangde naar zaligheid en om die te verkrijgen moest hij de voorschriften van die zaligheid leren en gehoorzamen. De engel die verscheen en aan Cornelius de eerste instructies gaf, had hem kunnen vertellen wat hij moest doen, maar hij liet hem Petrus ophalen die de autoriteit op aarde was. Petrus was een erkende ambtenaar van God die de sleutels van het koninkrijk bezat waardoor hij kon vertellen hoe Cornelius zalig kon worden en tevens kon hij de doop verrichten want aan hem was het gezag van het priesterschap verleend.

Petrus werd eigenlijk op deze wijze door God gekozen om het evangelie bij de niet-Joden te introduceren. Hiermee had Petrus zowel de taak als het voorrecht om als eerste het evangelie aan niet-Joden te prediken. Toen de Heer wilde dat de niet-Joden met zijn woord kennismaakten gaf hij het hoofd van de twaalf de instructie om de sleutel om te draaien waardoor de deur van het evangelie voor hen open werd gemaakt wat een van de bijzondere taken van het apostelschap is.

Er is een verschil tussen de heilige Geest en de gave des heilige Geestes. (Handelingen 10:44-48.) Cornelius ontving vóór hij gedoopt was de heilige Geest. Dat was de macht Gods, welke hem overtuigde van de waarheid van het evangelie, doch hij kon de gave des heilige Geestes pas na zijn doop ontvangen. Had hij deze verordening niet erkend en ondergaan dan zou de heilige Geest, die hem overtuigd had van Gods waarheid, hem verlaten hebben. Doordat hij gehoorzaamheid betoond had aan deze verordening en, door het opleggen der handen, de gave des heilige Geestes ontvangen had, kon hij er zeker van zijn dat de heilige geest permanent zijn metgezel was geworden zodat hij beter kon aanvoelen en getuigen van de Vader en de Zoon.

Christenen is een duidelijke naam voor volgelingen van Christus namelijk voor hen die geloven dat Hij de Zoon van God is en dat door Hem, door zijn zoenoffer, ‘de zaligheid in alle graden’ binnen ons bereik is gekomen.

In verschillende bedelingen van het evangelie van Adam tot nu toe zijn er volgelingen van Christus geweest en dezen zouden eigenlijk allemaal als christenen, of onder een daaraan gelijkwaardige naam bekend gestaan moeten hebben. Dat men zegt dat heiligen voor het eerst in Antiochië christenen werden genoemd, betekend dat de kerk voor het eerst in de bedeling van het midden des tijds genoeg leden had, dat zij als een aparte organisatie erkend werd en dit is mijn getuigenis in naam van Jezus Christus. Amen.