Om elf uur wordt er gebeld. Voor de deur staat een jongen van een jaar of twintig.Hij is gekleed alsof hij zo van een begrafenis is weggelopen. Driedelig zwart, rode stropdas. ‘Laat mij raden,’ zeg ik. Een Jehovagetuige die de religieuze kledingcode niet helemaal serieus neemt. Uw schooltas ontbreekt en uw schoenen zijn te slap om tussen een deur te steken.’

‘Mis,’ zegt hij onaangedaan.’ Zelfs niet warm. Ik ben de loodgieter waar u om belde.’
Ik kijk hem verbijsterd aan. Ik heb namelijk inderdaad om een loodgieter gebeld omdat mijn huis stinkt als een omgewoelde stortplaats voor varkenskadavers.
‘Nou,’ zeg ik. ‘Daar bent u dan wel op gekleed. Hebt u geen eh werkkleding?’
‘Dat zit zo,’ legt hij uit. ‘Ik ben een afgestudeerd econoom maar mijn baas is er mee opgehouden dus stond ik op straat. Merkwaardig genoeg blijven de rekeningen voor huur en energie gewoon doorgaan ondanks het verlies van mijn baan. Gelukkig, nou ja gelukkig, is mijn vader loodgieter en die had dit baantje nog vrij. Dank u God!,’ zegt hij er, een kruis slaand,sarcastisch achteraan.


Hij loopt de kamer binnen en zijn blik blijft op de tv rusten waar het journaal melding doet van een dubbele moord. ’Nederland wordt volwassen,’ is zijn diepzinnige reactie. ’Heeft u toevallig een oude broek voor mij,’ gaat hij verder.’Of een pyjama wellicht?’
Ik kijk hem vragend aan.
’Om vervuiling van mijn kostuum te vermijden,’ legt hij uit.
‘Ik draag nooit pyjama’s,’ zeg ik.
‘Zit wat in,’ zegt hij fronsend.’Is altijd weer lastig. Zo’n ding zit altijd in de weg als je er een keer bovenop wil ‘
‘Zeg,hallo? Zit er tegenwoordig ook een module stand-up-comedia in het pakket economie?’


Intussen pak ik een oude spijkerbroek en nadat hij zich omgekleed heeft verdwijnt hij onder de grond. Even later hoor ik hem roepen: ‘er is iets mis met uw rioolbuis’ ‘Dat ik daar nou niet zelf opgekomen ben,’ roep ik terug.
‘Nee, serieus, uw rioolbuis is geknapt. Uw uitwerpselen liggen her en der verspreid. Er liggen zelfs enkele drollen bij uw buurman. Man hoe krijgt u dat voor elkaar.! ‘Kwestie van krachtig persen,’ antwoord ik.
‘Dat kun je wel zeggen, ja. Als dat een nummer op de olympische spelen zou zijn, zou u zeker in de medailles vallen.’

Daarna hoor ik hem grommend en vloekend enige werkzaamheden verrichten en een kwartier later steekt hij stinkend als een kameel in ontbinding zijn hoofd uit het kruipgat. ‘Ik heb twee mededelingen,’zegt hij moeizaam uit het gat klauterend. ’Eén: voorlopig kunt u zich weer even ontlasten en twee: wilt u die situatie in de toekomst continueren dan moet er een loodgieter bijkomen.’ Hij zegt het zonder te lachen.
‘Ontlasten?,’ vraag ik.
‘Ja, ontlasten. Of bouten zo u wilt. Schijten zou ook nog kunnen, al geef ik niet de voorkeur aan die uitdrukking’

Hij kijkt om zich heen op zoek naar zijn economenkostuum.
‘Maar u bènt toch een loodgieter?,’ vraag ik
‘Nee, mijn vader. Ik ben econoom.Dat is een cruciaal verschil.’
‘Maar wat heb je dan gedaan dat ik toch weer kan bouten??’
‘Klein kunstgreepje,’ zegt hij. ‘Er zit een gat in de fundering tussen uw huis en dat van uw buurman. Ik heb de losliggende rioolbuis zolang onder het huis van uw buurman geschoven..Dan heeft u in ieder geval geen last van de stank meer.’
Ik kijk hem lang aan. ‘Briljant,’zeg ik.

‘Dank u, ‘antwoord hij en kijkt naar de walgelijk stinkende broek in zijn hand. ‘Wilt u uw oude broek nog terug?’
‘Nee hoor,’ zeg ik,’ schuif hem maar door de brievenbus van mijn buurman. Er is een groot cabaretier aan u verloren gegaan,’ zeg ik terwijl hij met de broek in zijn hand de deur uitloopt.
‘Dank u,’ zegt hij, ‘ik zal mijn vader vragen om uw riool op ordentelijke wijze te herstellen.’

Ik geef hem een hand waarna hij wegloopt. Als hij vijf minuten later zijn auto instapt heeft hij geen broek meer in zijn hand….