De Pluis is naar de huisarts gegaan. Nu komt dit gelukkig niet zo vaak voor, maar één keer per jaar een APK kan geen kwaad. Een bandje om de arm, een druppeltje bloed en even luisteren of het hart nog klopt.

Nu had ik altijd een huisarts zonder computer op z’n bureau, die je kwam halen uit de wachtkamer en mij aankeek als ik aan praten was. Die wat mij betreft, een huisarts was zoals ik vindt dat een huisarts moet zijn. Iemand met cache, met uitstraling en zo’n luisterapparaat om z’n nek. Maar ik schrijf was.

Ik heb een nieuwe dokter, een vrouw. Geen probleem, maar een eerste indruk kun je maar één keer maken.

Dus ik zit in de wachtkamer, en lees een boek over Franse tuinen. Waarom ze altijd van die flutbladen hebben liggen is mij een raadsel, maar het zal wel een reden hebben die onder het dokters-geheim valt. Zie mensen komen, verdwijnen en gelukkig ook weggaan. Vroeger zat er aardigste vrouw van middelbare leeftijd achter de balie, die mij bij naam kende en die van mijn kinderen ook. Nu zitten er 5 jonge dames achter het glas met koptelefoons op.

Na een tijdje sta ik op en wacht achter een witte streep op de vloer. De heer voor mij loopt weg en ik neem een ferme (waarom ik dat deed, weet ik niet) stap over de streep heen, en begin tegen het “spleetje”  tussen de glasplaten te praten.

Mevrouw, ik zit nu 40 minuten in de wachtkamer ( die volgens een bord aan de muur nu wachttuin, heet) en zou graag willen weten hoe lang het ongeveer nog kan gaan duren?

Moment zegt de jonge dame. Ja zegt u het maar? Koorts? Mmmmmmmm. Mmmmmmmm. Neemt u maar een paracetamol en als het niet beter gaat, belt u morgen tussen 09.00 en 10.30 maar terug. Goedemorgen.

Zegt u het maar, terwijl ze naar de computer kijkt. Ik wilde graag weten wanneer……………….Heeft u een nummertje getrokken? Nummertje, zeg ik verbaasd? En uit het niets komt er een arm achter de balie vandaan met een vinger eraan, die naar links wijst. De telefoon gaat weer……………

Ik naar een grijze kast. Druk op een knop en er komt nummer B014X uit voor de vroedvrouw. Niet goed. Nog een keer: een bon met A1734S voor een huisarts. Een huisart?. Ik kijk een beetje om me heen, en zie boven de verzameling jongedames een display met allerlei nummers.

Weer terug naar de balie, waar een andere dame mij verteld dat ik op moet letten of m’n nummer verschijnt. En voor een andere arm tevoorschijn komt, draai ik me om en ga zitten. De focus op de display.

A1734S, yes. Ik sta op, stoot m’n knie en loop naar een deur. Andere deur meneer, hoor ik uit het niets.

Ik doe de deur open en zie aan het einde van de gang een andere deur open staan. Ik klop op deze deur en hoor een muizenstemmetje, ja.

Ik zie een jonge dame met letterlijk een stevige bos haar op het hoofd met een beugel in de mond, zitten. Met een computer op tafel, een printer ernaast en………….met konijnen pantoffels aan. Ze blijft zitten terwijl ze mij een hand geeft. Ik slik een brok in mijn keel weg!

Na afloop van het gesprek ga ik na de gebruikelijke hoffelijke rituelen, richting de uitgang. Mag ik het bonnetje, zegt een stem. Ehhhh, die  heb ik verscheurd, mevrouw. Ik hoor en zie een zucht, en het wordt stil.

Buiten aangekomen stap ik m’n bus.

Soms, verlang ik terug naar vroeger. Ik kijk naar buiten en zie een parkeercontroleur. Shit, moet je een bonnetje kopen? Het is tijd om te gaan, tot volgend jaar dokter. Konijnen pantoffels, tja!

 

De Pluis

 

 

 

 

 

De nieuwe………….
Stem op deze column!