Na een zeer gezellig en warm avondje uit besloten we bij mijn vriend thuis het ‘digestiefke’ te nemen.  Omdat de zomeravonden momenteel zo zwoel zijn staat de deur hier gewoon wagewijd open, kwestie van een ‘tochtje’ te creëren.  Neen… dit is geen uitnodiging aan het adres van inbrekers.  Ten eerste, er is hier dan iemand thuis en bovendien, hier valt gewoon niets, maar dan ook niets te rapen!  De eerste inbreker die zo dom zou zijn om hier in te breken zal van een zeer kale reis terug komen en zal het moeten stellen met een gebruikte Senseo, een zes jaar oude tv – tenzij hij mijn laptop zou kunnen bemachtigen die ik naar alle waarschijnlijkheid op mijn ‘lap’ heb – en het genot van mij te zien rondhuppelen in slip en topje.  Bref, ’t is open deur!

De film ‘Anger Management’ stond op.  Eerst meer als achtergrond geluid maar één of andere scène trok even de aandacht waardoor we toch verdiept geraakten in de film alhoewel het niet echt het soort van  voorstelling is dat mij écht kan boeien.  Op een gegeven moment is er een vrij lange scène waarin het hoofdpersonage gedwongen wordt door zijn psychiater om een liedje te zingen uit de welbekende musical ‘West Side Story’ om zo zijn vermeende ‘kwaadheid’ onder controle te kunnen houden. “I feel pretty… oh so pretty… I feel pretty and witty and gay…”   Je kent het liedje vast en zoniet is dat een serieus gat in je cultuur en is mijn advies:  Google!  Hoe dan ook, ’t komt ietwat vreemd over als een man dit liedje zingt.

Daar ikzelf enorm graag (neen niet goed… graag…) zing en ook een grote musical fan ben duurde het geen vijf seconden of ik was natuurlijk aan het meebrullen en zat ook half op mijn stoel mee te wiebelen.  Mijn vriend keer eerst even naar het plafond, maar dan onder mijn bemoedigende support in een zotte bui en waarschijnlijk onder het motto ‘if you can’t beat them, join them’  begon hij  mee te zingen en met open armen ritmisch in de lucht te zwaaien en nét op dat moment zie ik…  OMG!  Een blik uit de duisternis.  Een wildvreemde zwarte man stond plots in de deuropening van de  living.  Zijn eerste blik was er één van – wat ik later kon interpreteren –  verwarring.  En dan verscheen een paniekerige uitdrukking op zijn gezicht.  Mijn vriend, die met z’n rug naar de deur zat, had nog altijd geen idee van onze ongenode gast en was nog steeds olijk ‘I feel pretty’ aan het meebulderen.

Ik bleef zingen, stond recht en met een ietwat klungelachtige pirouette begaf ik me richting indringer.  Nu had mijn vriend het ook in de mot maar bleef – enigzins tot mijn verrassing – gewoon doorzingen.  Hoe cool is dat? Hoe dan ook, de man had per ongeluk de verkeerde deur genomen en moest eigenlijk in het appartement ernaast zijn maar besefte het pas als hij al in de living stond. De verontschuldigingen bleven uit z’n mond stromen terwijl ik en mijn vriend maar ‘witty and pretty’ bleven bulderen en rare, musical-achtige bewegingen maakten hetgeen nu duidelijk op de lachspieren van de verwarde bezoeker begon te werken.  Ik onderbrak mijn hemelse gezangen om even te zeggen dat het geen probleem was en begon dan weer lustig uit volle borst te zingen en rondjes te draaien.  Die man moet gedacht hebben: “In wat voor zottekot ben ik hier terecht gekomen.”  Hij verdween met een lach op zijn gezicht en ik was ook tevreden want  ik wist dat zijn bezoekje mijn nieuwe verhaal ging worden.