Mijn grootouders zijn alle vier al lang geleden overleden. Ze hadden allen een leven achter de rug dat gekenmerkt werd door eenvoud, door hard werken, geloven in een Lieve God en het verzorgen van de vele, vele kinderen (die met name door de invloed van meneer Pastoor talrijk waren – maar dat is een ander thema). Toentertijd was het normaal een gezin te hebben met elf, twaalf of veertien kinderen. Een huishouden waar de moderne man en vrouw op vandaag echt niet meer aan willen beginnen. Door de omstandigheden was er ook weinig tot geen tijd voor vertier, laat staan dat er geld was voor niet noodzakelijke feestelijkheden. Buren staken een helpende hand toe, als dat even kon, en vroegen daar niets anders voor terug dan een gelijkwaardige vorm van hulp.

Mijn oma waste de berg was die een gezin van dat formaat opleverde nog op de hand en legde die te drogen in de zon, als het weer dat toeliet. Mijn opa slachtte zelf het varken en zo kon het hele gezin weer een tijd vooruit. Natuurlijk was het een hard leven. Maar ook een leven dat duidelijk was. Vader werkte buitenshuis, moeder thuis, de kinderen hielpen mee en later kwam daar de aanhang bij, de kleinkinderen en nog later de achterkleinkinderen. Directe familie speelde een grote rol, en de buren waren de vriendenkring.

Hoe duidelijk is ons leven nu nog? Gezinsstructuren zijn niet vanzelfsprekend duidelijk meer. Behalve het gezin en ons werk hebben we bezigheden buiten de deur , want alle moderne apparatuur heeft ons het huishoudelijke werk uit handen genomen waardoor we veel vrije tijd krijgen die toch ook weer ingevuld dient te worden. We moeten voorkomen dat we ons gaan vervelen, dus moeten we wel iets blijven doen – al is het ‘maar’ het lezen van een boek, we moeten wel iets doen. Op zich niks mis mee, natuurlijk. Moeders werken buitenshuis, vaders thuis, gezinnen zijn samengesteld uit gebroken gezinnen en buren zijn vreemden.

Behalve de tastbare wereld waar wij in leven, kennen we inmiddels nog een wereld die niet tastbaar is. Ik zou het de Vierde Wereld willen noemen. De Wereld die internet heet, waar sociale kringen zijn ontstaan waar iedereen iemand is. Wie of wat je daar bent, bepaal je zelf. OF je daar bent, bepaal je ook zelf. Maar we kiezen er massaal voor deel te nemen aan deze Vierde Wereld, en sinds deze wereld ook beschikbaar is op mobiele telefoontoestellen lijkt de hel op aarde te zijn losgebarsten. We chatten en tweeten erop los, maken contact met alles en iedereen en hebben ‘vrienden’ bij de vleet. Betrouwbaar? In de Vierde Wereld is niet alles wat het lijkt (uitzonderingen daargelaten), maar het duurt lang voordat we daar achter komen.

Als mijn opa’s en oma’s zouden kunnen terugkeren naar onze moderne wereld, wat zouden ze dan zeggen? Wat zouden zij vinden van de manier waarop wij tegenwoordig leven? Ze zouden ongetwijfeld hoofdpijn krijgen van de voortdurende stroom aan informatie waaraan wij blootgesteld worden, het nieuws van de hele wereld is voortdurend en overal. Ze zouden duizelig worden van het tempo waarin wij ons leven draaien. En wat onze gezinnen betreft, kan ik me zo voorstellen dat ze zich hoofdschuddend zouden omdraaien en de weg naar vijftig jaar geleden op blote knieën zouden willen afleggen. En misschien ging ik dan wel mee.