Ik heb geen gevoel in mijn donder. Echt niet? Echt niet. Tenminste naar het schijnt. Mijn donder zelf heb ik al enige tijd niet gesignaleerd. Laat staan het gevoel dat het met zich mee draagt. Waarschijnlijk is het gevlucht bij gebrek aan emotie. Mocht iemand mijn donder waarnemen dan hoor ik het graag, wellicht is hij slechts op zoek naar zijn gevoel.

Fysiek daarentegen. Mijn lichaam stroomt over van gevoel. Een regelmatige snijwond bij het scheren van mijn benen doet mij tot helse verwensingen, jegens het dienstdoende mesje, overgaan. Mijn gestel wordt niet erg sterk ingeschat en is op zijn zachtst gezegd een behoorlijk mietje als het op pijn aankomt. Slechts een zachte tik veroorzaakt al een onaangename blauwe plek. Hetzelfde geld voor schoppen, knijpen en andere fysieke martelingen. Aan lichamelijk gevoel ontbreekt het mij zeker niet.

Dan kom ik wederom verwonderd bij de kwestie van mijn donder. Vanwaar is deze zo verdomd gevoelloos. Soms durf ik mijn donder niet eens meer mee te brengen in het openbaar. Schaamteloos toont hij ongenadig zijn harteloosheid.

Gifgassen in Syrië. Hij vraagt om de afstandsbediening. Mensen afgeslacht in een winkelcentrum. Alweer. Moeder vermoord vader. Of was het deze keer vader dood kinderen. Wellicht had opa nu eens oma afgeslacht omdat ze zonder cheeseburger thuiskwam. Terecht vindt mijn donder.

Nee. Deze keer waren het de kinderen. Ze hebben ze allemaal afgeschoten. Vader. Moeder. Opa. Oma en broertje. De wereld in shock want dit zag niemand aankomen. Die kinderen zien alleen maar goede dingen om zich heen. Hoe halen die koters toch zulke dingen in hun hoofd vraagt de wereld. Mijn donder lacht om die vraag. Draait zich om. Vertrekt. Het interesseert hem niet meer. Wellicht was dat de laatste keer dat ik hem zag. Volgens mij mis ik hem zelfs een beetje.

Misschien vergis ik me. Denkbaar verdween hij op het moment dat ik zag hoe Greenpeace vrijwilligers liever koffie dronken dan dieren hielpen. Eventueel kan het zijn geweest toen ik hoorde van het medicijn tegen kanker dat er nooit zou komen vanwege het ingetrokken geld. Het kan zelfs een jongetje van acht zijn geweest. In Afghanistan.  Met een mitrailleur. Trotse verhalen over potenrammen. Zelfs het feit dat Wilders zetels kreeg kan de knoop hebben doorgehakt.

Zo’n 22 jaar geleden stroomde mijn donder over van begrip, sensibiliteit en gezindheid. Tot irritatie van velen. Je kunt de wereld niet op je schouders dragen. Dat werd mij verteld. De sympathieke donderstraal  deed het toch. Met blaren op handen en voeten. Blauwe schouders en een pijnlijke rug, strompelde ik door. Tot mijn benen het begaven. De wereld viel van mijn schouders en draaide verder zonder mijn hulp. Ze kwam niet terug. In de verte hoorde ik haar schelle schaterlach. Ze liet me achter en nam mijn donder met haar mee. Ze stal mijn gevoel. Ik wil het terug.
Eigenlijk kan het me geen donder schelen.