Wij zien een jongeman opgroeien die buitengewoon begaafd is, of een zeer grote intelligentie bezit, en door hem komt een ander groot beginsel tot ontwikkeling. Hij en de hele wereld schrijven dat grote genie en die wijsheid aan hem toe. Hij denkt dat zijn succes te danken is aan zijn eigen ijver, zijn arbeid en zijn verstandelijke capaciteiten. Hij erkent in niets wat met zijn succes te maken heeft de hand van God, maar negeert Hem volkomen en eist de eer voor zichzelf op.

Dat geldt voor bijna de hele wereld. Bij alle grote ontdekkingen van de laatste jaren op het gebied van wetenschap, kunst en techniek, en bij alle materiële vooruitgang van deze tijd zegt de wereld: “Dat hebben wij gedaan.” Het individu zegt: “Dat heb ik gedaan,” en hij kent geen enkele eer of verdienste aan God toe. Welnu, ik lees in de openbaringen aan Joseph Smith, de profeet, dat als gevolg daarvan God niet tevreden is over de bewoners der aarde, maar vertoornd op hen is omdat zij niet in alles zijn hand willen erkennen. (Evangelieleer, blz. 268.)

Grote mannen hebben soms de grootheid van God en hun afhankelijkheid van Hem erkend, en zij hebben in dat geval hun dankbaarheid en dankzegging tegenover Hem uitgesproken. Let eens op deze woorden, geschreven door Abraham Lincoln als onderdeel van een resolutie in 1863: “Wij hebben de prachtigste zegeningen van de hemel ontvangen; wij zijn al deze jaren in vrede en voorspoed bewaard gebleven; wij zijn toegenomen in aantal, in rijkdom en in macht, zoals geen andere natie ooit tevoren. Maar wij zijn God vergeten. Wij zijn de edelmoedige hand, die ons in vrede en voorspoed bewaard heeft, die ons vermenigvuldigt, verrijkt en versterkt heeft, vergeten en wij hebben ons op ijdele wijze verbeeld, door de bedrieglijkheid van ons hart, dat al deze zegeningen het resultaat zijn van de een of andere superieure wijsheid en deugd van onszelf. Dronken geworden door ons ononderbroken succes, zijn wij te zelfgenoegzaam geworden om de noodzaak voor de verlossende en bewarende genade te voelen, te trots om tot de God te bidden die ons geschapen heeft. Het betaamt ons daarom ons te verootmoedigen ten overstaan van de gekrenkte macht, onze zonden te belijden en om genade en vergeving te bidden.” (Abraham Lincoln, Man of God, blz. 391.)

Let u er ook eens op hoe de profeet Joseph Smith reageerde op de ontvangst van een aantal brieven in de tijd die hij kwijnend in de gevangenis te Liberty doorbracht. “Gisteravond ontvingen wij een paar brieven en de inhoud stemde ons zeer dankbaar,” schreef hij. “Wij hadden in geen tijden nieuwe ontvangen en toen wij deze brieven lazen werd onze ziel er evenzeer door verkwikt als door heerlijke frisse lucht.” {History of the Church, deel 3, blz. 293.)

Welnu, ik heb hier een mooie, goed voorbereide column geschreven die ik op Columnschrijven.nl heb geplaatst, zodat u de boodschap duidelijk kunt krijgen uit wat de Heer geopenbaard heeft, dat wij Hem moeten erkennen in al onze gaven en in alles wat wij bereiken, en Hem dankbaar moeten zijn voor alle dingen die Hij ons geeft. Ik ben Hem dankbaar voor het voorrecht dat ik in zijn dienst werkzaam mag zijn. Ik stel de kansen die mij geboden worden op prijs en hoop dat ik Hem de rest van mijn leven kan blijven dienen en mijn dankbaarheid tonen. En dit is mijn getuigenis in de naam van Jezus Christus. Amen.

God altijd dankbaar zijn voor onze voorspoed
Stem op deze column!