Ik ben niet het type vrouw dat zich iedere dag weegt.  Waarom zou ik ook?  Ik weeg al sedert mijn 18 jaar min of meer hetzelfde.  Correctie, tijdens mijn ongelukkig huwelijk woog ik 10 kilo minder maar dat was uit pure miserie.  Gelukkig zijn die kilootjes er terug bijgevlogen – ook dankzij de fantastische kantine van het CM hoofdkantoor in Schaarbeek waar ik 6 maand gewerkt heb bij Pasar –  want ik zag er gevaarlijk fragiel uit.  Ik bezoek de weegschaal wel, maar ongeveer 1 keertje per maand of zoiets.  Gewoon, om er preventief voor te zorgen dat er niks uit de hand zou lopen.  Als er een kleine correctie moet gebeuren zou ik het zo op tijd merken… Niet dat het ooit nodig is geweest…

Vandaag was het weer zo ver.  Spannend!  Ik ging in mijn lingerie op de weegschaal staan.  Altijd in mijn lingerie…, nooit poedelnaakt want dan kan ik mezelf ietwat bedriegen en naar beneden afronden.  Ik ging dus op de weegschaal staan en de digitale cijfertjes flikkerden… 4…5…6… een dame geeft haar gewicht nooit prijs!  Normaal 68 kilo komma ietske.  Jaja, ik ben een vals pluimgewicht.  Bijna 70 kilo!  Niet dat ik ooit van plan ben om weer te trouwen, maar moest het er ooit toch van komen, dan verwacht ik wel over de drempel gedragen te worden.  ’t Zal dus ne man moeten zijn met serieus wat spierkracht.  Maar dan zullen er nog héél héél veel andere kwaliteiten nodig zijn want momenteel is het voor mij: never ever again!

Ik wijk weer af.  Ik stond dus op de weegschaal en zag dat ik amper aan 66 kilo kwam.  Waar zijn die twee kilo en een sjik gebleven?  Ik wist het niet.  Ik aanschouwde mezelf vol verwondering in de spiegel .  Ik trok eens aan mijn armen – je weet wel, op die plaats waar het normaal wat begint te hangen eens je de twintig gepasseerd bent.  Ik klopte met platte hand op m’n buik.  Ik waggelde een keertje met m’n heupen.  Ik zag niet écht waar die twee kilo eraf waren maar het feit was… ik woog twee kilo minder dan normaal.

Da’s natuurlijk geen slecht nieuws.  Ik denk bijna elke vrouw… hoe dik of dun ook… wil meestal wel wat lichter wegen.  De 66 kilo stemde me heel goedgezind en bijna euforisch meldde ik het goede nieuws aan mijn vriend.  “Ik ben twee kilo kwijt. Ze zijn weg en ik weet niet waar ze naartoe zijn… ”, verkondigde ik dolenthousiast. “Ik weet het ook niet”, zei hij… en het leek bijna alsof hij zoekend naar de grond keek. Grrr… fout…fout…fout… !  Dàt antwoord was dus hélemààl fout!

En of dat nog niet genoeg was eindigde hij met: “Tja… maar die batterijtjes in de weegschaal zijn ook eens aan vervanging toe, denk ik!”   Ik heb hierop maar één antwoord:  Mijn wraak zal zoet zijn… and that’s a promise!  Woehahaha…