Ik weet niet hoe…

 

Als freelancer kom ik met enige regelmaat in contact met ouders of verzorgers van een kind met een Wajong indicatie. In de gesprekken die ik heb, worstelt menig ouder met een hoe vraag. Hoe gaat het nu verder, hoe krijg ik mijn kind aan het werk, hoe etc. etc.

Nu is er een Wet die zegt dat werkgevers de wettelijke plicht krijgen om een percentage jong gehandicapten in dienst te nemen anders volgt er een sanctiemaatregel. Wat ook veroorzaakt is door de werkgevers zelf door volmondig ja te zeggen tegen de politieke opvatting toen het nog een voorstel was. Tja, en wie z’n kontje verbrand die moet op de blaren zitten, nietwaar!

 

Maandagavond, de bel gaat. M’n afspraak is er. Vijf ouders en drie maal een Wajong. Na het gebruikelijke ritueel van handjes schudden, drie honden wegjagen en het alom bekende gebaar van welkom, nestelt iedereen zich in één van de oude stoelen. Ome Joop springt met z’n Beagle torso op de vensterbank en gaat in de luisterhouding zitten.

Na mijn verhaal over de sportlessen, de workshops die ik ga geven aan ouders en verzorgers beginnen de andere verhalen.

Over kinderen die anders zijn en door minder medicijnen nog meer anders zijn geworden, geldgebrek, de confrontaties met buren en politie door overlast en de vele teleurstellingen die in hun beleving door 3e zijn aangedaan.

De “drie” zijn stil en kijken een beetje leeg in het rond. Uit het niets wordt gezegd: leuk huisje meneer zou ik ook wel willen. Tja, ik heb weleens twee weken bij de Kringloop gewerkt, maar al die stress werd me teveel. Dat gezeur en gezeik. Ben toen niet meer terug gegaan, laat ze de klere krijgen.

De ander zegt: m’n uitkering is geregeld en niemand valt me lastig, het is goed zo. Waarop de laatste zegt dat hij dagelijks stemmen in z’n hoofd hoort die ruzie aan het maken zijn. Hoofdpijn krijg ik ervan en moe, heel moe.

Joop’s kop gaat met elk gesprek mee en hij kijkt de spreker recht aan. Hij gaapt niet, zoals normaliter het geval is maar luistert aandachtig. Ook mij kijkt hij aan en ik voel dat hij zegt: lastig heel lastig!

De ouders/verzorgers zijn bang voor wat er op hen afkomt. De kinderen geven mij het gevoel dat de ernst van situatie aan hen voorbij gaat. Geen stress, geen zorg dat is voor de ander.

Ik deel de angst en onzekerheid, en we praten hardop naar elkaar als het gaat over de diverse, persoonlijke situaties. Over mogelijk nog kortere lontjes en moeilijk beheersbare thuissituaties als de gewoonte door allerlei omstandigheden verandert. Veranderen is altijd griezelig en helemaal als je geest en lichaam constant aangeven niet mee te willen of te kunnen. Maar de realiteit is bars!

Een ouder/verzorger en hun kind hebben heel hun leven een navelstreng met elkaar. De dokter knipt de streng weliswaar door, maar dit is wat mij betreft slechts een symbolische daad. Altijd vloeien er gevoelens naar en door elkaar heen.

Als een kind dan ook nog een beschermd leven leidt of moet leiden, dan is de omarming van de ouder om het kind heen een vanzelfsprekendheid. Beschermingsfactor 1.000.000. En hoe langer de omarming “moet” plaatsvinden, hoe steviger die wordt, als iets of iemand probeert de omarming te doorbreken. Als ouder laat je jouw kind niet zomaar los.

En toch zal er e.e.a. omver gekegeld gaan worden door de nieuwe wetgeving als het gaat om de Wajong en het werk.

Wat ik weet van de Wajong is dat de Politiek, Werkgevers en aanverwante partijen al hun pijlen gericht hebben op de Wajong’er zelf. Neem ze in dienst en je hoeft minder te betalen aan premies, er is een no risk polis mogelijk, goed voor het MVO gedachtengoed en zo voort. Zou dit voldoende zijn om de mens en werk dichterbij elkaar te laten komen?

Ik denk van niet. Ook het ouderlijk gezag zal mee moeten veranderen. De kunst van accepteren en loslaten, eigen moeten gaan maken. Alleen ze zijn een vergeten partij. Niemand wil participeren als het gevoel er is, dat je kwetsbare kind onbeschermd de wereld in moet gaan. En dit klop als een bus.

 

Joop ligt met z’n kop in een mensen schoot, en wordt gekriebeld door een van de gasten. Een tevreden grom is de beloning voor de kriebelaar. Het gesprek loopt op z’n einde en we nemen afscheid van elkaar.

 

Vannacht heb ik trainingen en andere materiaal aangaande het vraagstuk Wajong verder geperfectioneerd en naar o.a. een Gemeente verzonden met het verzoek om te lezen, en ik contact zal opnemen om de reactie aan te horen.

 

Met van Geul. Dag meneer ik heb……………….Ik ga morgen op vakantie, bel in december maar een keer terug. Goedmorgen, tuut, tuut, tuut.

Ik geloof dat antwoorden nog even uitblijven, want Meneer van Geul is op vakantie. Vast in een all inclusive hotel, want dan kom je nooit voor verrassingen te staan. Dit is namelijk wel zo fijn, zo zijn wij mensen! Althans, als je een keuze hebt!

 

De Pluis