De tekst van het evangelie van Marcus bevat geen naam van de auteur maar Papias (2de eeuw n.C.) schreef het werk toe aan Marcus. De auteur werd lange tijd vereenzelvigd met de figuur van Johannes Marcus die in de Handelingen der Apostelen en in de brief van Paulus aan Filemon, de brief aan de Kolossenzen en de eerste Petrusbrief, vermeld wordt. Volgens de traditie was hij eerst gezel van Paulus geweest en later tolk van Petrus. Deze traditie gaat terug op Papias (Wikipedia) die het had over Johannes de Oudste.

In elk geval was de auteur van het Marcusevangelie zelf geen ooggetuige van de feiten, maar baseerde hij zich op overlevering. De hoeksteen van zijn evangelie vormde de traditie (of reeds een geschreven bron) over het lijden van Jezus, waaraan Marcus andere gegevens uit de Jezustraditie toevoegde.

Sinds de tijd van Clemens van Alexandrië hebben theologen aangenomen dat het in Rome geschreven is, hoewel ook Antiochië  als mogelijke plaats wordt genoemd. In het Evangelie spreekt men over Alexander en Rufus, de zonen van Simon van Cyrene die Christus’ kruis droeg. (Marcus 15:21). In de gemeente te Rome was een Rufus aanwezig (Romeinen 16:13) en als dat dezelfde is, is er een extra argument voor Rome als plaats van herkomst. Als Simon dezelfde is als in Handelingen 13:1 pleit dit voor Antiochië. (Mark, Cole A.R., Tyndale New Testament Commentaries, IVP 1988, Wikipedia.)

Johannes Marcus, beter bekend als Marcus, is de schrijver van het evangelie met de zelfde naam. Hij was de zoon van een van de voornaamste vrouwen die in de begindagen van de kerk te Jeruzalem werkzaam was. De gelovigen verzamelden zich in haar huis en Petrus keerde daarheen terug, nadat hij uit de gevangenis was bevrijd. (Handelingen 12:12-17.) Johannes Marcus werd door Paulus en Barnabas als metgezel gekozen op hun eerste zendingsreis, (Handelingen 12:25, 13:5) maar om een onbekende reden verliet hij, ongeveer halverwege de reis, de beide broederen. (Handelingen 13:13.) Dat werd later een twistpunt tussen Paulus en Barnabas toen ze op het punt stonden voor de tweede maal een zendingsreis te maken. Barnabas wilde Marcus weer meenemen, maar Paulus weigerde, daarom gingen zij uiteen en ging ieder zijns weegs. (Handelingen 15:37-41.) Kennelijk raakte Paulus later weer verzoend met Marcus want hij spreekt in zijn zendingsbrieven zeer lovend over hem. (Kolossenzen 4:10, Filemon 24.) Petrus noemt Marcus zijn zoon en zegt dat hij met hem in Babylon was en waarschijnlijk wordt hier Rome bedoeld. Een oude overlevering zegt dat Marcus zijn evangelie in Rome schreef en zijn stof rechtstreeks uit de mond van Petrus optekende.

Volgens sommige tradities was Marcus de man die water bracht naar het huis waar het laatste avondmaal  plaatsvond.(Marcus 14:13.) Toen Jezus in de nacht gevangen werd genomen, kwam er een jongeman kijken wat er gaande was. Hij had alleen een doek om zijn lichaam geslagen. Toen hij gegrepen werd, liet hij de doek achter en nam naakt de vlucht.(Marcus 14:51-52.) Aangezien alleen Marcus gewag maakt van deze jonge man veronderstel ik dat het hoogst waarschijnlijk Marcus zelf was. En dit is mijn getuigenis in naam van Jezus Christus. Amen.