“You got some red on you”

Vandaag stond ik bij mijn wasmachine. Het is een logge alleseter met smaak voor de meest taaie stoffen. Alléén wit maar GEEN rood (doet me denken aan een verhaal van een ex van mij, maar dat terzijde). Bonte kleding mag altijd en Zwart moet zeker een dag gemarineerd hebben in de azijn.

“Wel even weken in de azijn” Ik hoor het me moeder nog zeggen. Vorig jaar moet ik er liters van gebruikt hebben. Mijn shirts van Alien tot Zelda; allemaal moesten zij hetzelfde lot ondergaan. Weemoedig dacht ik in die tijd nog aan die passage uit het de Bijbel “Wie gelooft en gedoopt is zal worden gered, maar wie niet gelooft zal worden beoordeeld” (Marcus 16:16). Na deze doop trok ik dan het shirt aan en liep als de H. Johannus over de straat te paraderen tot de dood van de zomer op volgde.

Ik geloof dat ik die dagen wel blij was zwart als kleur te dragen. Het is expressief doch niet dominant. Op een feestje kan je een statement maken en toch weer makkelijk op de achtergrond verdwijnen. Vooral als er dan nog iets obscuurs op stond wat niet iedereen begreep zoals de Cornetto -Trilogie of iets van Ghibli.

Deze zomer draag ik alleen maar kleur. De Rode Broek, Het Bloementjeshemd; eerder verfoeid nu een trots onderdeel van mijn arsenaal. De zon schijnt en de remmen gaan los. Het wassen gaat makkelijker en je verheugt je op de volgende keer als je weer kan shinen.

Mijn zwarte shirts liggen achter in de kast te hopen op een revival. Ik zou ze het gunnen, maar weet dat er geen kans meer is nu het zwart tot een grijze massa gespoeld is. Iedere zomer brengt een nieuw geluid. Hoeveel ik ook hou van Marky Mark and the Funky Bunch, dit jaar brengt Jamie XX.