Het is zo’n klassiek voorbeeld van Murphy’s Law. Zo’n dag waarvan je bij de eerste poging tot het omhoog rollen van je oogleden al weet dat dit geen succesvolle dag gaat worden. 

De dag begint goed. As usual heb ik me weer eens grandioos verslapen.
Ik sta op, goed en kwaad als het gaat met een chronisch slaapgebrek en het eerste wat mijn hak voelt zijn twee messcherpe puntjes van een pincet.
CRAP! Waarom ruim ik nou nooit eens wat op? 

Grommend loop ik richting de kledingkast om er iets uit te trekken wat perfect bij mijn zojuist gecreëerde humeur past.
Grijs en grauw en het liefst met een doodskop, want crisis wat doet het zeer! Ik hoef er niet lang over na te denken, want ik heb namelijk geen kleding met doodskoppen, spijkers, logo’s met teksten als ”Irritant” of ”Licht ontvlambaar”. }:0
Dat laatste is overigens een prima waarschuwing voor de rest van de dag.
Een grijze trui, perfect! Ik trek de trui uit mijn kast en schrik me kapot!
Ik krijg nog net geen hartverschroeiing en val achterover met mijn hoofd tegen de stoel aan. Ligt de kat daar in een hoekje gewurmd! Wie heeft dat beest überhaupt binnen gelaten!? 🙄

Hoe dan ook, ik moet nog boodschappen doen voor mijn werk, meteen even een ontbijtje erbij halen en een doosje vrouwelijke ongemak remmers. Hoe dramatisch is het als je in je maandelijkse ‘rode vlaggetjes dagen’ zit en je geen vrouwvriendelijke kurken op zak hebt? 
Een regelrechte ramp. Ik maak het niet vaak mee, maar op dat soort momentjes wens ik een mannelijk geslachtsdeel en een berg testosteron, want mensen kinderen, wat voel ik me dan ongelukkig.
Nog even snel mijn tanden poetsen en dan hop de auto in!

Aangekomen bij de supermarkt staat daar ”mijn” Arend. Arend is de bakker van de supermarkt en is ooit mijn leidinggevende geweest. Hij is altijd zo goed in het strelen van mijn ego. Een rasechte Utrechter op leeftijd die mij (en waarschijnlijk nog 1000 anderen) ‘meissie’ noemt.
Gezellig een gesprekje gevoerd over de dagelijkse sleur van het leven, hoe ik ervoor zorg dat mij dit niet overkomt, een lach, een schouderklopje, blablabla en off we go!
De caissière kijkt mij maar raar aan en hoewel ik niet goed begrijp waarom, besluit ik toch maar een extra blik op mezelf te werpen als ik weer in de auto zit.

Oh godsallejezuscrisis!  Een dikke laag achtergebleven tandpasta op mijn bakkes. Een wit/grijs uitgeslagen, korrelige waas over mijn lippen en misschien nog wel erger… Mijn mondhoeken!!!!
Hoe debiel staat dat? Alsof je een overkill aan speeksel mondtechnisch niet hebt kunnen verwerken? Alsof je de chromosomen mist om met enige regelmaat te slikken…. Ik voel me een zwakbegaafd persoon zonder enige vorm van begeleiding.
Afijn, na professorisch en elegant as always de restanten tandpasta van mijn mond te hebben geschuurd, vertrek ik vol goeie moed naar ’t werk.

Met een hoofd op stand ”Don’t Ask ” loop ik de kamer binnen en als ik met handen en voetenwerk probeer uit te leggen hoe druk het wel niet was op de weg, stoot ik uiteraard tijdens een ‘Oh my god’-handbeweging een kan water om…..  

Ik denk, weet je wat? Ik ga de afwas doen! Kan er niks fout gaan, mijn collega ook weer blij….. TOP-idee!
Ware het niet dat mijn oog-hand-coördinatie (uitgerekend vandaag, want zo gaat dat) een temporary fail had, waardoor één en ander begon te wankelen op het bletje. Niet erg….. als er geen inhoud meer in de kopjes zit. Je raadt het nooit.
Koffierestje + omvallenop bletje = Vlek op trui

Maar er is iets positiefs uit voort gekomen…. je gaat nadenken hè :+

Behandelplan is als volgt:
– Vroeger naar bed gaan (zodat ik makkelijker en eerder op kan staan)
– Eerder opstaan (zodat ik tijd heb om rustig aan te doen ‘s ochtends en niet van 2 trappen hoef te rollen)
– Brood avond van tevoren klaar maken
– Ontbijt maken i.p.v. kopen
– Verbaal vertellen….. niet alles hoeft expressief incl. gebarentaal verteld te worden (voorkomt omvallende waterkannen)
– Spullen opruimen (Dat houdt in OOK pincet 

Ik moet zeggen…..aan bovenstaand plan probeer ik me regelmatig te houden….. IT WORKS!