Hé hé,  eindelijk schijnt de zon. Ik voel me prettiger als de zon op mijn kale plaat schijnt en de temperatuur in mijn busje oploopt. Een natte druppel op mijn kop en het raampje open van het portier geven mij een goed gevoel.

Ik lees in de krant dat Minister Dijsselbloem zegt dat de recessie teneinde is en tegelijkertijd krijg ik een mail van CC dat in haar kantoorfabriek iemand gedreigd heeft zichzelf in de brand te steken met op mijn achtergrond, een radiocommercial voor de voedselbank.

 

Ik loop door het dorp waar het een drukte van jewelste is. Er is markt en dit trekt volk aan. Voor mij loopt een clubje kakkers van middelbare leeftijd te kwebbelen over het weer en de schoenen die net zijn aangeschaft. Vlak daarachter zeulen twee mannen op hun retour met een aantal tassen. Die kwebbelen niet maar hebben last van de vingers door het snijdende plastic.  

Als ik het tafereel bekijk dan kan het niet anders zijn dan dat, de recessie de geschiedenisboeken in kan.

De recessie blijft toch wel een beetje spoken in mijn hoofd. Wat denkt een mens om zichzelf wat aan te doen. Het zal toch wel iets meer zijn dan een rekeningetje of wat niet kunnen betalen. Dit moet iets met water en lippen te maken hebben.

 

De verkiezingen staan” gelukkig” weer voor mijn deur en ik mag meebeslissen wie de declaratie-kampioen(e) mag gaan worden. En ik doe graag wat voor de ander, zoals u inmiddels weet.

De gekozenen krijgen maandelijks een paar duizendjes voor het zakelijk vertier en hoeven, behalve voor de hotelspiegel, geen verantwoording af te leggen naar wie dan ook. Goed geregeld, wat nou recessie.

Als kleine zelfstandige ga ik ook Europees denken. Ben benieuwd of de Belastingdienst mijn verplichtingen weg wil wuiven, m’n bonnetjes niet hoeft te zien en ik met mijn busje geen kilometer registratie meer bij hoeft te houden. Ik ben ook een Europeaan, ja.

Wat zou de bijna in brand man nu meemaken? Politie, hulpverleners, een complete warboel in zijn hoofd en vast en zeker een somber toekomstbeeld zien van zichzelf. En iedereen van de kantorenfabriek gaat naar huis en pakt de draad van het weekeinde op. Een voorvalletje was het, meer niet. Godver……….

Ik ga zo naar CC en moet daar een paar knaken in de gemeentelijke flipperautomaat duwen, anders mag ik CC niet zien. Ik steun de Gemeentelijke kas, zoals het hoort bij een recessie. Zo ben ik ook.

 

Duizenden asielzoekers komen eraan want die hebben schijnbaar gehoord dat de recessie hier voorbij is. De eerste volksopstandjes zijn al losgebroken, want zoveel mensen in nood die hier hun toevlucht zoeken kan echt niet? Pikken ze laatste baantjes in en gaan ook nog eens “ons” geld opmaken. Zo komen we nooit uit deze recessie!

Weet u, toen mijn ouders uit voormalig Nederlands Indië naar Nederland kwamen nadat ze letterlijk geknokt hadden voor Koningin en Vaderland, waren er gelukkig een hele lieve Hollande Opa en Oma die hen opvingen. Die zich nooit hebben afgevraagd of er een recessie speelde, of zich zorgen maakte omdat er een nieuwe kleur in huis kwam met hele andere gewoontes en een vreemde taal sprak.    

Tijden zijn veranderd en vroeger komt niet meer terug. En soms, heel soms denk ik wel eens Pa, toen je in een paar minuten moest kiezen in welk land je wilde gaan wonen. Waarom heb je toen voor Nederland gekozen?

Ik ga het een keer aan je vragen. Maar ja, jij leeft soms al in vroegere tijden en ik soms ook. Jij en ik hebben schijnbaar onze eigen recessie en dit vertellen we aan niemand. Ons geheimpje.

 

In de gezamenlijke tuin drinken de medebewoners weer menig flesje wijn leeg. Krijgen de witte kopjes weer een beetje kleur en praten ze weer tegen me. Ik hoor ze pochen over een nieuwe auto, klagen over het dure leven en over hun nazaten.

Mijn god, dit is weer zo’n dag. De zon schijnt en ik heb het koud van binnen. Net zoals de man die zich in brand wilde steken.

Recessie, wat zou het eigenlijk echt betekenen? Kantorenfabriek?

 

De Pluis