Ik doe mijn best om er leuk en fris uit te zien, maar er zijn dagen bij dat ik niet hip te slaan ben.

Om inspiratie op te doen steek ik mijn neus in de Beau Monde, glij ik met mijn ogen over de Grazia, inspecteer ik Linda op het toilet en liggen de Cosmo en de Vogue op het nachtkasje voor als ik ‘s nachts niet kan slapen, niet dat dat snel gebeurt, want ‘herfst 2009’ ligt er nog steeds.

 

Maar wat ik ook probeer, het wil niet helemaal lukken. Ik wil graag modebewust zijn met een beetje chique, vleugje stoer, een korreltje verzorgd met een nipje eigen stijl, maar daar loop ik in een “Nel veerkampjurkje”, geen onderjurkje maar een fijne grote hema onderbroek met veel rek, die net mijn navel raakt (soms net erover, maar alleen als het koud is)

Het me nog net gelukt een panty aan te krijgen waar geen oorlogswonden in zitten van mijn gerafelde teennagels. Over teennagels gesproken, die zien er ook maar gehavend uit.

Hier en daar nog een lik nagellak, van die keer dat sterre op zwemles ging en ik mocht kijken. Een half uur voor die tijd bedacht ik dat ik op slippers moest en dat ik mijn kind echt niet te kijk kon zetten met mijn( bijna) kalknagels, dus snel donkerbruine lak erop gegooid.

De lak was nauwelijks droog maar had weinig tijd en trok ik mijn sokken aan, waardoor er dus bruine lak met blauwe pluizen aan mijn nagels prijkten tijdens mijn dochters zwemdebuut.

Deze les was vorig jaar oktober en heb deze 10 sindsdien nooit weer opgeleukt. Ze staan te ver van mij af, waardoor de toenadering bemoeilijk wordt.

 

Nadat ik ‘s ochtend mijn kleding heb aangedaan, loop ik naar de spiegel en klik het “ikziealleslampje”aan, constateer dat de couperose aan terrein wint, zijn mijn wenkbrauwen bijna weer herenigd waardoor ik lijk op het zusje van’ Bert’ uit Sesamstraat.

Zijn de grijze haren niet meer uit mijn kop te trekken omdat ik bang ben voor een kale plek en vind mijn neusgat het nodig om de binnenkant naar buiten te gooien.

Snel haal ik het pincetje erbij en probeer ik deze wildgroei in te dammen, de tranen glijden over mijn gezicht en kan ik het niezen niet meer onder controle houden.

Dank zij deze vocht uitbarsting is mijn make-up ook alle kanten opgegleden. Met een wc-papiertje probeer ik te redden wat er te redden valt.

Mijn haar gooi ik in staart, dat is makkelijk tijdens het broodsmeren, want anders ben ik bang dat mijn man en kinderen binnenkort een haarbal gaan ophoesten.

Bij de trap schop ik mijn crocs uit (Whoopie draagt ze ook, dus het kan) en trek mijn afgetrapte Uggs aan, omdat het koud is.

 

Voordat ik op mijn fiets spring om naar mijn werk te gaan, glip ik nog even naar het toilet en daar is Linda, ze kijkt me aan. Ze ziet mijn ‘Nelveerkampjurkje”, de grote rekbare Hema-onderbroek, oude berenvoeten en mijn panty die toch nog een laddertje heeft kunnen maken.

Ze glimlacht en weet ik dat Linda deze dagen ook kent…………….