Ik heb een mening. Regelmatig. Tot ik weer iets anders lees. Dan wil mijn mening nog weleens veranderen. Eigenlijk vind ik het vrij prettig, om meerdere kanten te kunnen zien van hetzelfde verhaal. Dit maakt de boel niet zozeer eenvoudig hoor, maar wel een beetje menselijk.

Vrijheid willen we allemaal! En het is de moeite waard daarvoor te vechten, zegt men.

Helaas blijkt vrijheid voor de één, heel vaak te resulteren in de opsluiting van de ander. Of de uiroeing daarvan. Wat was de geschiedenis anders geweest wanneer de Hutu’s zich minder aangetast hadden gevoeld in hun vrijheid. En dat is met een mening net zo. Want sommige meningen zijn nog steeds behoorlijk gevaarlijk. En riskant voor de vrede. Misschien wordt vrijheid weleens verward met losbandigheid, en zijn we geen van allen helemaal vrij.

Wanneer we vechten voor vrijheid wint altijd de partij met de meeste macht. En dan is wederom de mening van de ander een bedreiging, dus niet meer zo vrij. Misschien is vrijheid een illusie, zolang we buren, familie, maar vooral belangen hebben. En misschien is dat helemaal niet zo erg. Misschien moeten we niet meer vechten voor vrijheid, maar leren leven in overleg. Dat deden we tenslotte toch al. En alle strijd heeft naar mijn idee vooral een hoop restricties opgeleverd. Want sinds de politiek en media ons gebrek aan mening niet meer respecteert, en wat we “vinden” zoveel belangrijker lijkt te zijn geworden dan dat wat er daadwerkelijk gebeurt, is de vrijheid ver te zoeken. Wat Jan op de markt, met camera in zijn gezicht en microfoon voor zijn neus tegen een verslaggever van RTL uitkraamt, daar denkt hij morgen misschien wel weer heel anders over. Maar in de kamer is hij al een voorbeeld. Stel je voor dat we allemaal een half jaartje helemaal niets vinden, behalve als we moeten stemmen. Ik denk dat ons kabinet massaal aan de drank gaat, of aan de groene thee met de broertjes van Bin Laden. Maar meer waarschijnlijk in overleg met Obama.

Dit is mijn mening, voor nu. Gelukkig hoef ik die niet te uiten. Mocht mij dat gevraagd worden, beroep ik mij op de vrijheid van meningsverzuim.

Dus.