Zolang ik mij kan herinneren heb ik honden om mij heen gehad. Thuis als kind en nu nog steeds.

Honden om mij heen, ik kan mij het niet anders voorstellen. En altijd uit het asiel, van een boerderij of als er weer één kwam aanwaaien omdat zijn of haar voormalige baas de verzorging niet meer aan kon.

En aangezien ik een hondenwatje ben, is er voor een hond altijd plek in mijn huis. Hondenharen, zakken met voer, gesloopte matrassen, ijskasten die met Duck tape, dog proof worden gemaakt, allemaal standaard. Net zoals op gezette tijden een niet op te houden plasje of nog erger!

Jonge honden spelen, en oudere honden spelen op hun manier. Nu heb ik drie honden in dezelfde leeftijdscategorie, en in mijn gevallen komen alle kwaaltje tegelijkertijd.

Althans zo voelt het. De één heeft diarree, dus iedereen heeft diarree. Eén gromt, de rest gromt. De ene wordt ‘s-nachts wakker, en dus wordt iedereen wakker. Enfin, dit gaat al jaren zo, en ik ben er aan gewend.

Alleen nu zit ook in de fase dat ik wederom meemaak dat de tijd, ze aan het inhalen is.

Als ik vroeger in het donker liep en de honden roken iets wat niet Pluis was, dan ging de riem op standje strak en voelde ik me beschermd. En nu?

Na vele jaren samenwonen is een bezoekje aan een arts zo nu en dan, niet te vermijden. Soms is dit een mensenarts, en soms is het een dierenarts.

En zo ben ik vanmorgen met Joopie op de koffie bij de dieren meneer geweest die ons vertelde dat joopie niet zoveel meer ziet. Hij is gezond, maar zijn gezichtsvermogen is als het kijken door een gezandstraalde bril, werd ons verteld.

Jaren hebben we met elkaar doorgebracht en meegemaakt. En brengen we hopelijk nog door, is mijn hoop.

Maar beschermen krijgt nu een andere dimensie schat ik in, na eerdere ervaringen.

Vanaf nu grom ik, als iets of iemand Joopie in gevaar brengt. Ik heb een bank voor de vensterbank gezet zodat hij toch via via,  kan gaan zonnen. Heb de waterbak op een stapeltje boeken gezet zodat hij zijn water wat sneller kan zien.

Ik probeer de anderen honden te beschermen, omdat de lobbes af en toe op de bank springt terwijl er een ander ligt te pitten.

Of de wereld om mij heen dit allemaal begrijpt? Ik geloof het niet, en eigenlijk boeit het me ook niet.

Ouderdom komt met gebreken en wereld draait gewoon door. Maar niet in dit huis. Hier zorgen wij voor elkaar. Joopie en de Pluis, ook vrienden voor het leven. Zoals het hoort, op z’n Pluis.