Ik stond op het punt om een straatsteen door een glas in loodraam van een kerk te gooien toen een niet Nederlandse jongen mij probeerde tegen te houden. “Wat doe je?”, vroeg hij accentloos en met bezorgdheid in zijn stem. Ik wuifde het weg met mijn vrije hand en zei tegen hem: “Dit kan ik maar één keer in mijn leven doen!”

Een week daarvoor had één van mijn facebookvrienden een uitnodiging gestuurd voor een katholieke bijeenkomst. Een bisschop wilde de kerk een positieve impuls geven en had een ludieke actie bedacht met betrekking tot het aanstaande conclaaf in de Sixtijnse kapel. Het sprak mij niet aan, maar duizenden hadden zich al aangemeld, dus ik klikte op accepteren en stuurde het en passant naar alle andere vrienden in mijn lijst.

Na een paar dagen kreeg de bisschop lucht van de beweging die hij was gestart en vroeg de wijkagent wat te doen. Bromsnor wist het niet, maar nadat het ‘evenement’ werd verwijderd, was de ‘zwarte’ kous af. Helaas voor de bisschop en bromsnor bleek een Nieuw-Zeelandse jongen, met de alias Ibe derFührer, het evenement gekaapt te hebben. Door die alias en met de naam ‘Project X Church’ nam iedereen dit natuurlijk heel serieus. En daarbij, zoiets gebeurt maar één keer in je leven. Iedereen wilde plotseling naar de kerk.

Vervolgens kwam de bisschop, zonder het zelf te weten, nog op de radio waardoor de massamedia zich ermee ging bemoeien. Bromsnor vertelde zelfs over een waarschijnlijke noodverordening. Er ontstond de grootste hype voor een evenement waarvan iedereen wist, dat het er eigenlijk niet was. Maar ach, dat maakte ons niet uit. Dit was iets waar we gewoon bij moésten zijn!

“Maar waarom wil je deze steen gooien?”,  vroeg de niet Nederlandse jongen, terwijl in allerijl opgetrommelde M.E. het kerkplein wilde schoonvegen. “Maak je niet druk!”, zei ik. “Over een half jaar schrijft een commissie een rapport waarin zal staan, dat wij ‘normale’ Hollandse jongens uit de regio zijn met slechts een ‘you only live once-gevoel’. Niet wij, maar de burgemeester moet door het stof. Niet wij, maar de politiechef zal zich nederig moeten opstellen.” “Meen je dat nou echt?”, vroeg de bezorgde jongen, terwijl mijn steen inmiddels richting het gotische glas in lood zweefde. “Ja écht!”, zei ik door het gerinkel heen. “Een half jaar geleden in Haren zeiden wij ook: Dit gebeurt maar één keer in je leven!”